vrijdag 27 mei 2011

Harder dan ik hebben kan

Soms kijk ik naar haar door m'n oogharen en dan is ze geen 2 (en een half) meer. Dan zie ik opeens Danaë als kleuter doorschemeren. En lijkt ze 4. Of nog ouder.

Harder dan ik hebben kan, groeit ze groot.
Vorig jaar rond deze tijd bijvoorbeeld, praatte ze nog nauwelijks. Nu houdt ze hele verhandelingen over hoe iets wel of niet zou moeten.
Of lopen. Deed ze ook niet een jaar geleden. Nu staat ze swingend en heupwiegend met haar poppen te dansen. Of rolt ze stoeiend met haar broer over de vloer. Hij is sneller en wendbaarder, maar zij gooit haar gewicht in de strijd. Tegenwoordig is het een bijna gelijkwaardig duel.
Waar David zo langzaam groeide dat hij t-shirts en broeken 2 zomers (of nog langer) aan kon, schiet mevrouw in een half jaar tijd één kledingmaat door.
Eigenlijk moet ze al een tijdje naar een groter bed. Maar hé, het is zo aandoenlijk, hoe ze klem tussen haar knuffels en spijlen, met haar duim half uit haar mond ligt te slapen.
Echt, voordat ze dubbel gevouwen in haar spijlenbedje de nacht moet doorbrengen, heeft ze vast een groter bed.
Maar mag deze moeder nog even wennen aan haar grote kleine kleine grote meid ?

En daarom, omdat al deze heerlijke prietpraat morgen alweer voorbij kan zijn... Opgetekend. Om nooit meer te vergeten.

Heb jij een woone boteham? Ik hebbe roodkapje*, constateert Danaë tevreden.

Favoriete zomerdracht: Mouwen hoog. Foene uit. En sokke ook. Ikke wil op kouwe foete.

En het liefste woord op de wereld op dit moment: Oolieflass.
Helemaal als ze het zingt: Oolieflasse inne boss.

A.k.a 'kapje', 'kontje' of 'korst' van het brood.

1 opmerking:

Mammalien zei

Soms gaat het inderdaad veel te hard. Goed opletten!